Toe maar Anna

Hoofdcategorie: nieuws Gepubliceerd: maandag 08 april 2013

elke dag een eitje“Elke dag een eitje vermindert de kans op een beroerte met tien procent”, een tamelijk alledaags berichtje. Ik las het in de Plus Magazine. Veertig jaar geleden kreeg een kennis van me een hartaanval. “Geen ei meer eten want dat zit vol cholesterol”, was de boodschap. “Nooit meer een lekkere vette haring”, dat vond hij nog het ergste.

Gelukkig worden ook de medische wetenschappers met de jaren wijzer. Het voortschrijdend menselijk inzicht komt langzaam maar gestaag op gang. Dat is van onschatbare waarde voor onze toekomst. Daardoor wordt heel veel mogelijk wat wij altijd voor onmogelijk hadden gehouden. Als je alleen maar terug kijkt en alles wilt houden zoals het was, schep je geen nieuwe toekomst. Als je de mogelijkheden van het verleden beter benut en daar nieuwe mogelijkheden aan toevoegt, werk je aan een perspectief voor een betere toekomst. Toen ik een kwarteeuw geleden een hartaanval kreeg was het adagio: “zo gauw mogelijk genezen en weer actief aan de slag”.
De mogelijkheden die je nog wel had, moest je zo goed mogelijk benutten. Ik kreeg toen wel verhalen te horen over het vroeger ging. Aan het hart, dan was je uitgeteld, een patiënt, een lijdend voorwerp dat zijn lot onderging, niets doen, plat liggen en geen vin verroeren. Dat gold niet alleen voor hartpatiënten. Nee, voor iedereen met een beperking (mensen met een mankement of maatschappelijk onproductief ) werd gezorgd. Die mensen werden opgenomen in een passende instelling. Doven in een doveninstituut, blinden in een eigen instelling, gekken in een gekkenhuis, ouderen in een bejaardenhuis en wie niet deugde in een gevangenis.
De samenleving draaide vrolijk en productief door zonder jou, ongehinderd door al deze beperkingen. “Uitsluiten door insluiten”, zegt de filosoof Michel Foucault. In de vorige eeuw zijn de ingeslotenen (de intramuralen) uitgebroken en ze hebben de muren van hun instellingen gesloopt. Zij willen - ondanks hun beperkingen - mogelijkheden hebben om echt mee te doen in een open samenleving. Nieuwe mogelijkheden komen vaak uit een onverwachte hoek. Op een andere bladzijde in Plus Magazine lees ik: “Veertig procent van de meisjes die nu worden geboren, zullen over honderd jaar nog leven”. Dat klinkt heel mooi. Maar dan zullen ze wel gebruik moeten van toekomstige (nu nog onbekende) mogelijkheden om te kunnen leven op een manier die de moeite waard is.
Even later lees ik in de Volkskrant hoe wetenschappers worstelen met beloftevolle kwantumfysica en haar nog onvermoede mogelijkheden. Niet dat ik er iets van begrijp: geleiding zonder energieverlies, eindeloze geheugens, eeuwig durende batterijen en kwantumcomputers. Het sterkt mij wel in het vermoeden, dat de mogelijkheden om goed te leven toenemen naarmate mensen goed willen leven en daarvoor eigen kracht en mogelijkheden inzetten.
Auteur: Juul v.d. Kolk